Урок 23 

LES DRIEËNTWINTIG (23)

Drieëntwintigste les

DE POST

In elke stad en in bijna elk dorp is een postkantoor te vinden. Voor het versturen van een gewone brief, een briefkaart of een klein pakketje hoeft men echter niet altijd naar het postkantoor te gaan. Deze kan men eenvoudig in een brievenbus doen. Wanneer een brief snel moet aankomen, kan men kiezen voor verzending per expresse.

Telegrammen kan men op het postkantoor versturen, maar het is ook mogelijk om ze telefonisch op te geven. Brieven die naar verre landen gaan, worden meestal per luchtpost verzonden.

De brievenbussen worden meerdere keren per dag geleegd. Ze vallen direct op, omdat ze een rode kleur hebben. De gewone post wordt rondgebracht door de postbode, terwijl telegrammen door een speciale bezorger worden afgeleverd.

Op de afbeelding ziet men een postkantoor. In de ruimte zijn verschillende loketten. Aan de ene kant staan de klanten, aan de andere kant werken de medewerkers. Iemand geeft een pakket af voor verzending, een ander vult een formulier voor een telegram in, en rechts adresseert een man een envelop.

Verderop staat een brievenbus met aparte openingen voor brieven en voor drukwerk. Een man doet net een brief in de bus. In de buurt staan ook twee telefooncellen, die men bij postkantoren en op veel plaatsen in de stad kan vinden.


LES VIERENTWINTIG (24)

Vierentwintigste les

IN HET POSTKANTOOR

Pardon, kunt U mij zeggen waar het dichtstbijzijnde postkantoor is?
Het spijt me, ik ben hier zelf niet bekend. Misschien kan die meneer daar U helpen.
Dank U.

Pardon mijnheer, weet U waar het postkantoor is?
Ja hoor, het is vlakbij. Ik ga die kant op, dus U kunt wel met me meelopen. Dan zal ik het U aanwijzen.
Dat zou fijn zijn, dank U wel.

Ziet U dat grote gebouw aan de overkant, met een brievenbus ervoor? Dat is het postkantoor.
Hartelijk dank.
Graag gedaan.

Ik wil graag een telegram versturen.
Dat kan, mijnheer. Hier is een formulier. Wilt U hier de naam en het adres van de afzender invullen?
En waar kan ik postzegels kopen?
Bij het loket hiernaast.

Mag ik vijf postzegels van tien cent en vier van vijfentwintig cent, alstublieft? En hoeveel porto moet er op deze brieven?
Ik zal ze even wegen. Deze brief is vijfentwintig cent, en de aangetekende kost vijfenveertig cent.
Hier is het geld.